Barendrecht | CDA wil helderheid over de megastrop die de Hoekse Lijn de regio bezorgt. “Moeten wij als Barendrecht mogelijk opdraaien voor tekorten?”, aldus Arjan Sullock Enzlin Raadslid CDA-Barendrecht.

Hij zegt dit naar aanleiding van berichtgeving in het Algemeen Dagblad waarin wethouder Pex Langenberg van Rotterdam wordt geciteerd: “maar sommige kosten verdelen we over de Metropoolregio, daarover zijn we in gesprek”.

Het CDA heeft hierover vragen gesteld aan het college.

Het project Hoekse Lijn omvat de ombouw van de bestaande infrastructuur van de zogeheten Hoekse Lijn, het NS traject tussen Schiedam Centrum en Hoek van Holland Strand, tot een hoogwaardige lightrailverbinding die gekoppeld wordt aan het Rotterdamse metronetwerk. Hiermee ontstaat een rechtstreekse verbinding tussen Hoek van Holland strand, de aanliggende gemeenten Maassluis, Vlaardingen en Schiedam met het hart van Rotterdam. Met de aanleg wordt de bereikbaarheid in de regio vergroot (bron MRDH).

 

De volgende vragen zijn aan het college gesteld:

Geacht College,

De Hoekse Lijn verbindt Schiedam Centrum met Hoek van Holland Strand. De nieuwe hoogwaardige verbinding maakt zoveel mogelijk gebruik van de bestaande infrastructuur. Het metrotracé loopt langs de Nieuwe Waterweg.

In het AD van 16 december werd bericht dat, in het ergste geval, de tekorten van de aanleg van de Hoekse Lijn kunnen oplopen tot 90 miljoen Euro en dat deze kosten mogelijk op conto komen van de hele regio.

Wethouder Pex Langenberg (Rotterdam) wordt in het AD van 16 december als volgt geciteerd: “maar sommige kosten verdelen we over de Metropoolregio, daarover zijn we in gesprek”.

Op 17 december 2012 is een bestuurlijke overeenkomst Hoekse Lijn deel 1 tussen de gemeente Rotterdam, Vlaardingen, Maassluis, Hoek van Holland en Schiedam gesloten. Dit vond plaats onder de vlag van de toenmalige Stadsregio.

Naar aanleiding van de berichtgeving heeft het CDA de volgende vragen:

  1. Wordt wethouder Langenberg van Rotterdam correct geciteerd? Welke kosten worden hier bedoeld en hoe groot zijn deze?
  2. Kan het college in detail aangeven welke afspraken er rondom de Hoekse Lijn zijn gemaakt. Te beginnen met de overeenkomst uit 2012. Wie draagt welk risico en welke partijen zijn betrokken?
  3. In hoeverre zijn de verplichtingen vanuit de stadsregio overgenomen door de MRDH?
  4. Heeft er een risicoanalyse plaatsgevonden? En wat is hier de uitkomst van?
  5. Welke risico’s zijn er voor Barendrecht?
  6. Welke stappen gaat het college ondernemen in deze zaak en hoe wordt de raad hierbij betrokken?